Lifestyle

De gouden bril

Niek is opticien én optometrist. Niek ziet alles en schrijft het op. Met oog voor detail. En deze aflevering breekt hij een wel heel kostbare bril…

Hoe jong waren we? Negentien? Twintig? Hooguit. Het was onze eerste baan in een echte optiek. Midden in het centrum van Rotterdam. Jos stond meestal een beetje verdekt opgesteld, schuin achter de toonbank, en ik liep midden in de winkel. Zo dicht mogelijk bij de klant. Niet opdringerig, maar wel voor het grijpen. En dan kon De Wedstrijd beginnen. Wie verkoopt het duurste montuur? Een beetje Happy Days; Fonzie en Richie vechten om de gunst van de klant.
 
Jos had al eens toegeslagen. Hij had een prachtige Gianfranco Ferré, die we heel populair een ‘Ferreetje’ noemden, aan de man gebracht. 1050 gulden, voor alleen het montuur. Maar inmiddels hadden we de hoofdprijs in huis. Een 18 karaats gouden bril. De Aurum. Zo mooi. Hij lag te blinken in de vitrinekast, maar niemand die bij het aanschouwen ervan durfde te vragen of we het deurtje even open wilden maken. Soms pakte we de bril er na winkeltijd zelf even uit, zetten hem op, en dan snel weer terug.
 
Totdat… Totdat meneer De Haan binnenkwam. Iedereen kende de man. Hij was voorzitter hier, commissielid daar, zo’n man met om z’n pols een Cartier, overal bling bling en zilvergrijs haar. Ik mocht een oogmeting doen en even later wees hij tegen de ruit van de vitrinekast. “Dat gaat hem worden.” Ik kreeg het warm. Ik opende de vitrine, zette de bril bij hem op, hij was meteen verkocht. De glazen moesten nog geslepen worden, twee weken later zou hij terugkomen.
 
Ik zei in die twee weken niks tegen Jos. Ik heb nachtmerries gehad dat meneer De Haan niet meer zou komen. Maar hij kwam wel. Nu zaten er ook prachtige glazen in de Aurum. Ik pakte de bril uit alsof hij voor de koningin was. Zette hem bij het heerschap op terwijl zijn vrouw kritisch meekeek. Hij zat niet helemaal lekker. Het bonnetje lag al klaar: 5000 gulden.

Pareltjes zweet op mijn voorhoofd. Ik stond op het punt om een bril van vijf-dui-zend gulden te verkopen.


Eerst even het linkerpootje bijstellen. Ik pakte een tangetje en voorzichtig boog ik de bril. Krak… In één keer liep mijn hoofd vol met bloed. Hij zei het echt, krak. Ik had een bril van 5000 gulden gemold. Ik moest naar meneer De Haan om te zeggen dat ik zojuist zijn bril kapot had gemaakt.
 
Stamelend bracht ik hem het nieuws. Ik keek naar de grond, daarna naar hem. Hij was stil, keek zijn vrouw aan, keerde terug naar mij en toen schaterde hij het uit. De echo van de lach in de winkel vergeet ik nooit meer. Een week later had de juwelier de gouden schat gerepareerd. Hij betaalde cash, De Haan. Ik durfde het niet na te tellen waar hij bij was. Ik durfde hem niet eens aan te kijken. Ik had de duurste bril ever verkocht en toch voelde het als een nederlaag. Ik heb het Jos nooit verteld.
 
Niek
 
donderdag, 12 juni 2014
Auteur: Zienrs content©
Bron: Zienrs content©
Foto: Zienrs content©